Geluk woont zelden waar je het zoekt

Dagelijkse schrijfopdracht
What’s a common misconception people have about happiness?

Wat is een misvatting rondom geluk?

Mooie vraag. En tegelijkertijd een gevaarlijke vraag.

Want zodra je probeert te definiëren wat geluk is, ontdek je hoe lastig dat eigenlijk blijkt te zijn.

Uit nieuwsgierigheid deed ik wat de meeste mensen tegenwoordig doen. Ik opende Google en tikte de vraag in.

Wat is geluk?

Er verschenen verschillende omschrijvingen, maar één woord kwam steeds terug:

Voorspoed.

Tja.

Daar kon ik eerlijk gezegd niet zoveel mee.

Want wat is voorspoed eigenlijk?

Is dat een goed gevulde bankrekening?

Een grote woning?

Een nieuwe auto voor de deur?

Een succesvolle carrière?

Of is het iets heel anders?

Hoe langer ik erover nadacht, hoe meer ik tot de conclusie kwam dat geluk voor mij niet in spullen zit.

Ik heb geen behoefte aan de nieuwste auto.

De laatste mode interesseert me nauwelijks.

En een villa met twaalf kamers lijkt me vooral veel werk om schoon te houden.

Voor mij zit geluk ergens anders.

In kleine dingen.

Een kop koffie in een rustige tuin.

Een wandeling door een natuurgebied.

Een goed gesprek.

Een onverwachte lach.

En soms verschijnt geluk op een plek waar je het helemaal niet verwacht.

Zoals vorig voorjaar.

Chris en ik hadden de auto volgeladen en besloten naar Italië te rijden.

Geen ingewikkeld plan.

Gewoon gaan.

Uiteindelijk kwamen we terecht in Gallicano Verni.

We verlieten de snelweg en reden steeds verder de bergen in. De omgeving veranderde langzaam. Kleine dorpjes verschenen langs de route. Oude kerkjes. Kleurige pleinen. Bossen die zich uitstrekten tegen de berghellingen.

Hoe hoger we kwamen, hoe smaller de weg werd.

En hoe mooier het landschap.

Na een laatste bocht verscheen tussen de bomen een bord.

Verni.

Een eeuwenoud gehucht van Lombardische oorsprong, gebouwd op een rotsachtige heuvel in de vallei van de Turrite di Gallicano.

We stapten uit.

En werden direct overvallen door iets wat in Nederland soms lastig te vinden is.

Rust.

Geen haast.

Geen verkeer.

Geen achtergrondgeluiden.

Alleen stilte.

Via een smalle opening in een oude muur liepen we een klein plein op.

Daar ontmoetten we Lara.

Een jonge vrouw met hazelnootbruine ogen, rozig haar en een glimlach die onmiddellijk vertrouwen gaf.

Toen we dachten dat we gearriveerd waren, lachte ze.

‘No, no. You’re not there yet.’

Ze stapte in haar auto en gebaarde dat we moesten volgen.

De weg werd nog smaller.

Op sommige stukken was er nauwelijks ruimte voor één auto.

Lara drukte regelmatig op haar claxon om eventuele tegenliggers te waarschuwen dat er verkeer aankwam.

Even later stopten we opnieuw.

Voor ons stond een eenzaam stenen huis tegen de bergwand.

Al hijgend liepen we achter Lara aan naar boven.

Toen we eindelijk boven stonden, draaide ze zich om.

‘Turn around.’

Braaf deden we wat ze zei.

En het enige wat ik kon uitbrengen was:

‘Ooooooh…’

Voor me lag het gehucht diep in de vallei.

Aan de andere kant zag ik een oud klooster hoog tegen de berghelling liggen.

Het uitzicht was adembenemend.

Die avond zaten we buiten met een glas rode wijn.

De zon zakte langzaam achter de bergen weg.

Er hoefde niets.

Er moest niets.

En terwijl ik daar zat, voelde ik iets door mijn lichaam trekken.

Geluk.

Geen groot geluk.

Geen levensveranderend geluk.

Gewoon puur geluk.

Misschien is dat wel de grootste misvatting rondom geluk.

Dat we denken dat het ergens op ons wacht.

Aan het einde van een doel.

Na een promotie.

Na een verhuizing.

Na de volgende aankoop.

Alsof geluk een bestemming is.

Voor mij is geluk geen eindpunt.

Het zijn momenten.

Klein genoeg om te missen wanneer je niet oplet.

Groot genoeg om je nog jaren later te herinneren.

Zoals een glas rode wijn op een berg in Italië.

Met uitzicht op een vallei waar het leek alsof de tijd even was vergeten verder te gaan.

Fediverse Reacties

Reacties

Plaats een reactie