
Het is het begin van de lente. De zon heeft net wat meer kracht gekregen en legt een warme, zachte gloed over de tuin. We zitten op het terras met een dampende kop koffie. Naast me staat mijn laptop schuin open en ik struin wat rond op Airbnb.
Waar willen we heen dit voorjaar.
Mijn blik blijft even hangen bij Frankrijk, maar nergens vind ik wat we zoeken. Een huisje met ruimte, een tuin, ergens afgelegen. Rust. Natuur. Een plek om even op adem te komen.
Mijn vriend leest ondertussen een artikel voor uit het NRC, over een plek in Italië. Iets in mij veert op. Bijna automatisch typ ik Italië in de zoekbalk.
En dan zie ik het.
Een karakteristiek huis tegen een berg aan, omringd door natuur. Alsof het daar al eeuwen staat te wachten. Ik schuif de laptop over de krant naar hem toe. Hij leest, scrolt en kijkt me aan.
“Doen.”
Twee weken later zitten we bepakt en bezakt in de auto. Op weg naar Italië.
We maken een tussenstop in Zwitserland en twee dagen later slingert de weg zich langzaam omhoog, de berg op, richting het huis.
Ik app de eigenaresse dat we er zijn. Niet veel later horen we in de verte een auto stoppen. Een portier slaat dicht.
En daar komt ze.
Een vrouw die de berg op loopt, met rustige tred. Ze stelt zich voor als Lara. Haar huid licht, onder haar haarband steekt een rode lok speels naar buiten. Haar wangen hebben een zachte blos en ze verontschuldigt zich dat ze wat later is.
Met een glimlach haalt ze een sleutel tevoorschijn en opent de deur van haar huis.
Binnen voelt het meteen goed. Alles is er. Alles klopt.
Lara vertelt ons over de streek. Over wandelpaden die zich door de bergen slingeren, over oude stadjes waar de tijd lijkt stil te staan. Over het kleine dorp beneden, waar een gemeenschapshuis is met een restaurant.
“App me maar als jullie daar willen eten,” zegt ze. “Dan houden we rekening met jullie. Alles komt van de lokale boerderijen.”
Dat doen we.
En die avond is zij er zelf.
Werkend, bewegend, zorgend. Een vrouw die haar plek kent en draagt.
Ze verwent ons met de smaken van de streek. Echt Italiaans eten, geserveerd op een klein binnenplein, omringd door oude muren die verhalen lijken te fluisteren.
Tussen de gangen door vertelt ze over haar leven. Dat ze heeft gestudeerd in Pisa, maar nooit kon wennen aan het stadse leven.
Ze kwam terug.
Naar hier.
Naar de rust. De ruimte. Het ritme van de natuur.
Het leven dat precies genoeg is.
En terwijl de avond langzaam overgaat in nacht, besef ik dat we niet alleen een plek hebben gevonden om te verblijven…
maar een plek die voelt als thuiskomen✨

Plaats een reactie