Een groep mensen die deelnemen aan een protest voor vrouwenrechten met borden, onder een zonnige hemel.

Mijn telefoon gaat. Haar naam verschijnt in beeld.
Nog voordat ik opneem, weet ik, het is weer mis.

Zodra ik haar stem hoor, voel ik het door de lijn heen. Haar ademhaling zit hoog, gejaagd. Haar woorden komen scherp, geladen met adrenaline en pure woede. Dit is geen paniek meer, dit is iemand die al te lang moet vechten om gehoord te worden.

Haar stalker heeft weer toegeslagen. En het stopt niet. Het escaleert. Steeds een stap verder. Steeds dichterbij. Steeds dreigender.

We gaan samen naar de politie om aangifte te doen. Want dit kan zo niet langer. Dit móet stoppen.

Maar daar, op de plek waar je bescherming zou moeten vinden, gebeurt het tegenovergestelde. Blikken die afwachten. Vragen die het bagatelliseren. Twijfel die in de lucht hangt. Je voelt het meteen, je wordt niet echt serieus genomen.

En precies dát is het probleem.

Wat hier speelt, laat de tekortkomingen van onze wetgeving pijnlijk zien. Stalking en structurele intimidatie vormen nog altijd grote gaten in het systeem. Het is een relatief “nieuw” erkend probleem, maar nog steeds onvoldoende uitgewerkt in wetten die vrouwen daadwerkelijk beschermen.

Onze wetgeving is grotendeels gevormd in een tijd waarin vrouwen geen stem hadden. Hun veiligheid, hun ervaringen en hun grenzen telden simpelweg niet mee. En hoe confronterend het ook is, die erfenis werkt vandaag de dag nog steeds door.

De realiteit is hard. In Nederland wordt gemiddeld elke acht dagen een vrouw vermoord, vaak door een ex-partner, een stalker of iemand met een ziekelijke drang tot controle. En toch staan vrouwen in dit soort situaties nog te vaak machteloos.

Zelfs wanneer een stalker op heterdaad wordt betrapt en veroordeeld, staat hij na enkele maanden weer buiten. En in veel gevallen? Dan gaat hij gewoon verder waar hij gebleven was. Wordt hij niet op heterdaad gepakt, dan kan het gedrag jarenlang doorgaan zonder echte consequenties.

De wet lijkt in de praktijk eerder de ruimte van de dader te beschermen dan de veiligheid van het slachtoffer. Iemand kan voor je huis blijven staan, je observeren, foto’s maken van wanneer je komt en gaat en dat alles binnen de grenzen van wat “openbare ruimte” heet. Ondertussen leef jij in angst.

Is het dan vreemd dat vrouwenbewegingen opnieuw in opkomst zijn? Dat vrouwen hun stem verheffen, omdat ze zich niet beschermd voelen? Omdat ze dat simpelweg niet zijn?

Dit is geen theoretisch probleem. Dit is de werkelijkheid. Al acht jaar lang kan hij doorgaan. Acht jaar van spanning, angst en constante alertheid. Acht jaar waarin niets echt stopt.

En zij is niet alleen een verhaal. Zij is één van de vrouwen die statistisch gezien risico loopt om slachtoffer te worden.

Dat is de realiteit waar zij mee moet leven.


Reacties

Plaats een reactie