
Een boek waar ik steeds naar terugkeer
Sommige boeken lees je één keer… en verdwijnen daarna stilletjes terug in de kast.
En dan heb je boeken die blijven.
Die je oppakt, nog een keer leest… en daarna nóg een keer.
Voor mij is Knielen op een bed violen van Jan Siebelink zo’n boek.
Elke keer als ik het opensla, voelt het alsof ik ergens in stap waar ik eigenlijk niet helemaal wil zijn… maar waar ik toch niet weg kan kijken. Je wordt langzaam het verhaal ingezogen, zonder dat je het doorhebt. Voor je het weet, zit je midden in het leven van Hans Sievez.
Hans groeit op in een streng, bijna verstikkend religieus milieu. En terwijl je leest, voel je bijna zelf hoe beklemmend dat is. De manier waarop het geloof wordt beschreven—of misschien beter gezegd, de worsteling ermee—is intens en soms pijnlijk dichtbij.
Wat mij elke keer raakt, is hoe het geloof hier niet iets vanzelfsprekends is, maar iets waar je aan moet voldoen. Alsof je het moet verdienen. Alsof je nooit zeker weet of je goed genoeg bent.
En misschien herken je daar wel iets in.
Je leeft mee met Hans. Je voelt zijn twijfel, zijn hoop, zijn angst. Maar ook hoe hij, zonder dat hij het misschien wil, zijn omgeving daarin meesleept. Hoe iets wat zo persoonlijk is, zo’n grote impact kan hebben op de mensen om hem heen.
Jan Siebelink schrijft op een manier die rustig lijkt, bijna kalm… maar ondertussen grijpt het je bij de keel. Niet voor niets won hij met dit boek de AKO Literatuurprijs.
Het is zo’n boek dat je niet zomaar weglegt.
En als je het uit hebt… blijft het nog even in je hoofd zitten.
In 2016 is het boek ook verfilmd, maar eerlijk gezegd blijft het verhaal voor mij in woorden het meest indrukwekkend. Misschien omdat je in het boek nog dieper in het hoofd van Hans kruipt.
En misschien is dat wel precies waarom ik er steeds weer naar teruggrijp.
Omdat het je niet loslaat. 📖✨
Misschien is dat wel de kracht van een goed boek… dat het niet eindigt bij de laatste bladzijde, maar stilletjes met je meereist.

Plaats een reactie