Na alles wat ik heb meegemaakt met een stalkende ex-partner, kan ik dit niet meer stil houden.
Vrijdag 10 april.
Een vrouw wordt neergestoken.
Voor de ogen van haar dochter.
Haar kind springt ertussen, probeert haar moeder te beschermen en raakt zelf gewond. Ooggetuigen. Kinderen. Ouders. Trauma’s voor het leven.
En toch noemt men dit een “incident”.
Maar dit begint niet op die vrijdag.
Dit begint veel eerder.
Dit begint bij vrouwen die naar het politiebureau stappen en zeggen.
“Ik wil aangifte doen.”
En dan komt de vraag: “Waartegen?”
Tegen mijn ex-partner. Hij stalkt me.
“Heeft u bewijs?” Ja. Stapels.
“Maar… onder welk kopje moeten we dit zetten?”
Neem dat even in je op.
Onder welk kopje.
Ik ben veertien keer naar het bureau geweest.
Veertien keer.
Met bewijs. Met verhalen. Met angst.
En elke keer weer die blik, “Ben je er nu alweer?”
Niet gehoord. Niet serieus genomen. Niet beschermd.
Maar hij? Hij loopt vrij rond.
Want ja… zo werkt het blijkbaar.
Het advies dat je krijgt? “Verzamel bewijs.”
Ik héb bewijs. Meer dan genoeg.
En toch gebeurt er niets.
Dan escaleert het. Online pesterijen. AI-bewerkte foto’s. Vernedering.
Weer naar de politie. “We weten niet onder welk kopje dit valt…”
Ik geef ze USB-sticks. Bewijs zwart op wit.
En weer ga ik naar huis. Met lege handen. En een volle angst.
Ondertussen gaat hij door. Auto’s. Brand. Mijn huis. Mijn veiligheid. Mijn leven.
En nog steeds gebeurt er niets.
Dit is geen incident.
Dit is falen.
Een systeem dat pas kijkt als het te laat is.
Een systeem waarin slachtoffers moeten bewijzen dat ze slachtoffer zijn.
Een systeem waarin daders ruimte krijgen en slachtoffers moeten wachten.
Ik ben het zat.
Want hoeveel vrouwen moeten er nog volgen?
Hoeveel kinderen moeten er nog tussen springen?
Hoeveel keer moet het escaleren voordat iemand zegt, nu is het genoeg?
Wanneer gaat dit systeem beschermen… in plaats van wegkijken?

